Als we aan leiderschap denken, denken we vaak aan bedrijven, mensen in pakken en hiërarchieën. Maar leiderschap is veel breder en vanuit verschillende perspectieven te bekijken.
Het maakt niet uit wat voor soort leider je bent – of je nu ouder bent, coach (sport of persoonlijk), of spreekt over je eigen persoonlijke leiderschap.
Als diertrainer kom ik exact dezelfde aspecten tegen, met dezelfde kenmerken:
• Een visie ontwikkelen en richting geven.
• Communiceren en inspireren: helder kunnen uitleggen waarom iets belangrijk is.
• Empathisch vermogen: aanvoelen wat anderen nodig hebben.
• Besluitvaardigheid: knopen durven doorhakken, ook bij onzekerheid.
• Verantwoordelijkheid nemen, ook als het misgaat.
Ook bij dieren zie je deze kenmerken terug. Soms zijn bepaalde eigenschappen wat minder ontwikkeld, maar toch werkt het geheel als een geoliede machine. Dieren leven vaak in sociale groepen waar leiderschap minder hiërarchisch is, maar nog steeds duidelijk aanwezig.
Het draait in essentie om:
• Samenhang creëren: zorgen dat individuen zich verbonden voelen.
• Grenzen bewaken: het waarborgen van sociale veiligheid en groepsnormen.
• Mensen meenemen: iedereen laten voelen dat ze erbij horen en gehoord worden.
• Conflicten begeleiden: de moed hebben om spanningen bespreekbaar te maken.
Dit geldt net zo goed voor leiders binnen groepen. Dat is vaak iemand die initiatief neemt, de sfeer bewaakt of richting geeft – ook zonder formele rol of titel.
Als ouder of opvoeder draait het niet alleen om regels stellen, maar vooral om voorbeeldgedrag, veiligheid en liefdevolle grenzen – net als bij dieren.
Daarbij spelen verschillende aspecten een rol:
• Stabiele aanwezigheid: kinderen (en dieren) voelen zich veilig door voorspelbaarheid.
• Liefde én grenzen: niet alles goedvinden, maar wel onvoorwaardelijk steunen.
• Leren door doen: gedrag wordt gekopieerd, dus het goede voorbeeld is essentieel.
• Verantwoordelijkheid stimuleren: leren omgaan met keuzes en consequenties.
Goed ouderschap of dierentraining is ook leiderschap: een combinatie van richting geven, loslaten en vertrouwen.
Wat ik als diertrainer vooral heb geleerd, is het belang van weten wie je bent, waar je voor staat, en keuzes maken die daarmee in lijn zijn.
Dat is persoonlijk leiderschap.
Belangrijke elementen hierbij zijn:
• Zelfkennis: weten wat je waarden, drijfveren en grenzen zijn.
• Regie nemen over je leven: doelen stellen en stappen zetten.
• Verantwoordelijkheid nemen: eigenaarschap tonen, niet afschuiven.
• Lef tonen: durven afwijken van verwachtingen van anderen.
• Reflectie: regelmatig stilstaan bij wat je doet en waarom.
Je hoeft geen manager of ouder te zijn om een leider te zijn. Als je bewust en authentiek je keuzes maakt, toon je leiderschap.
Leiderschap is dus geen functie, maar een houding.
Of je nu diertrainer bent, CEO, ouder, teamlid of gewoon een mens in de wereld: leiderschap gaat uiteindelijk om invloed uitoefenen met integriteit.
En dat begint bij jezelf.